Gedichten
27-03-2008
Altijd zijn wij samen tot de zomer ons komt scheiden,
jouw kleren zijn de mijne. We buigen over tafels,
lachen schuin, lachen hard en koud. We liggen ook
in het gras, soms onder de bomen, schrijvend
in elkaars schriften, tekenend op handen
en gezichten. Dromend van na de wereld, van hoe
en wat en waar het zijn zal. Maar wat kunnen jij en ik
zonder r in de maand
Inspiratiebron
Leonard Nolens
Marloes Roosingh (Duivendrecht)
Printen
Terug